De behandeling

Op de dag van de operatie meld je je op afgesproken tijd. De plastisch chirurg zal eerst het operatiepatroon op je borsten tekenen. Vervolgens word je onder narcose gebracht en kan de ingreep van start gaan. De implantaten worden meestal via een snede in de huidplooi onder de borst ingebracht. Het is ook mogelijk om ze via een snede in de oksel of naast de tepel in te brengen.

borst

Het plaatsen van de implantaten

De implantaten worden tussen de borstklier en de borstspier geplaatst, of onder de borstspier direct op de ribben. De plastisch chirurg heeft tijdens het consult met u besproken wat de meest geschikte methode voor u is. De belangrijkste omstandigheid waarom een implantaat achter de borstspier wordt geplaatst heeft te maken met de dikte van de huid. Indien de huid niet dik genoeg is zal een implantaat zichtbaar zijn wanneer deze voor de borstspier wordt geplaatst. Het nadeel van het plaatsen achter de spier is dat je meer pijn hebt na de operatie. Wanneer de prothese op zijn plek ligt wordt je borst weer gesloten.

Naar huis

Aan het eind van de operatie worden je borsten meestal verbonden met een verband dat steun geeft. In het wondgebied worden meestal drains (dunne slangetjes) aangebracht, die zijn verbonden met twee vacuümflesjes. Via de slangetjes wordt het wondvocht uit het operatiegebied afgevoerd. De drains worden verwijderd als er bijna geen vocht meer wordt geproduceerd. Een borstvergrotende operatie duurt gemiddeld één tot anderhalf uur.